Skip to content

< Terug     < Home

Wilde narcis

Narcissus pseudonarcissus subsp. pseudonarcissus

Narcissus pseudonarcissus subsp. pseudonarcissus is een hele mond vol voor zo’n kleine bloem. Het is een bolgewas uit de narcisfamilie (Amaryllidaceae). De wilde variant staat op de Nederlandse Rode Lijst als zeer zeldzaam en sterk afgenomen. Des te mooier staat zij in onze Vlindertuin! Het is een van de vroegst bloeiende narcissen (maart). Ze wordt in veel botanische tuinen aangetroffen, niet alleen vanwege de magnifieke plantenbouw, maar nog meer daar juist dit soort zich uitstekend leent voor verwildering.

Fraaie verhalen
Het is allemaal begonnen in de Griekse mythologie met de mooie Narcissus, daarna kwam Freud, die in een psychische aandoening overeenkomsten zag met het mythologische verhaal. Ook de narcis, voluit Narcissus, dankt haar naam aan dit verhaal. Het Latijnse woord narcissus betekent slaap.

Toepassingen

Herkomst
Open loofbossen en lichte ooibossen in Spanje en Portugal

Welke insecten trekt de plant aan?
Veel bijen zul je op de narcis niet aantreffen, want zij is zelfbestuivend. Haar nectar en stuifmeel zijn alleen voor insecten met een heel lange tong bereikbaar, maar we weten inmiddels dat de (wilde) narcis bevlogen wordt door sluipwespen en sluipvliegen, die een rol spelen bij de bestrijding van de eikenprocessierups. Aanplanten dus, die nuttige narcis!

Algemeen
De wilde narcis heeft crèmegele kelkblaadjes en een gele, trompetvormige bijkroon (corona). De trompet is ongeveer even lang als de bloemdekslippen of iets korter. De schede is bruin en papierachtig. De bloemen staan knikkend op een iets afgeplatte bloemsteel van 3 tot 12 mm en zijn 35 tot 50 mm lang. De narcis is geschikt voor vele toepassingen: in het veld, bloembedden, plantenbakken en potten, rotstuinen en voor binnengebruik.

Standplaats
Zowel in de zon als halfschaduw

Hoogte
20-25 cm

Bloeitijd
Maart-mei

Bloeiwijze
Aan het einde van de winter zien we meestal de eerste groene puntjes van de narcis de grond uit komen. Ze kondigt het voorjaar aan en zal na de sneeuwklokjes de tuin mooier maken met haar prachtige bloemen. In Zweden wordt deze bloem ook wel ‘Paaslelie’ genoemd, omdat zij vaak rond Pasen bloeit.

Kleur
De bladeren zijn meestal grijsgroen. De bloem bestaat uit crèmekleurige kelkblaadjes en een gele kroon.

Hoe te vermeerderen
Het vermeerderen van narcissen kost wat liefde en vooral geduld maar de resultaten kunnen echt fantastisch zijn! In het kort wordt het stuifmeel van de ene soort op de stempels van de andere soort gewreven. Nu gaan de bloemen de bevruchte zaden ontwikkelen tot kleine zwarte zaadjes. Dit zaad moet je zorgvuldig opvangen en bewaren tot de herfst, om het vervolgens tot 1 cm diep te zaaien. Het zaad/plantje moet vervolgens vijf jaar worden verzorgd voordat de eerste bloemen zullen groeien. Maar dan… zullen de meest bijzondere soorten zich tonen.
Staan narcissen in de tuin, dan zal dit proces zich vanzelf voltrekken en zullen er uiteindelijk meer narcissen gaan groeien, mits ze op een plekje staan waar niet te veel in de grond gewerkt wordt.

Zaadjes in zadenbieb?
Van deze plant kunnen we geen zaden oogsten. Ze zijn dan ook niet opgenomen in de zadenbibliotheek in Zinder.

Weetjes
Pseudonarcissus betekent ‘valse of geen echte narcis’. De bol van een narcis is zeer giftig. Hij wordt ook miniatuurnarcis genoemd.